Artikel · 15 augustus 2024
In de loop der tijd heeft de samenleving talrijke wegen verkend om de uitingen van het onzichtbare te begrijpen, te benoemen en te omkaderen. Woorden zijn geëvolueerd, hun betekenissen zijn veranderd, en opeenvolgende interpretaties hebben soms verwarring gezaaid. Tot de essentiële begrippen die onderscheiden moeten worden, behoren "perceptibiliteit" en "mediumschap". Daarnaast maakt de erkenning van de rol van de "Psychist" en van het "psychisme" het mogelijk het geheel van deze verschijnselen beter te vatten. Het gaat erom aan elk begrip zijn ware dimensie terug te geven en recht te doen aan de buitengewone complexiteit van de verhouding tussen onze zichtbare wereld en de subtiele werkelijkheden die haar omringen.
Perceptibiliteit duidt een verfijnde menselijke gevoeligheid aan, die een individu — een "perceptibele" genoemd — in staat stelt onzichtbare werkelijkheden waar te nemen zonder het bewustzijn of de persoonlijkheid te verliezen. De perceptibele voelt subtiele dingen aan, of het nu gaat om onuitgesproken emoties, energetische afdrukken, onzichtbare aanwezigheden of latente gedachten. Sommigen gaan verder: de Psychist is een perceptibele die de opgevangen informatie niet alleen aanvoelt, maar ook weet te sturen, te beïnvloeden, te richten en te harmoniseren. Zo wordt hij tegelijk zender en ontvanger, een bewuste speler in de subtiele wereld. Deze beheersing van het psychisme maakt het mogelijk zich in het onzichtbare te bewegen met behoud van helderheid en onderscheidingsvermogen. Werken als L'Échelle de la réincarnation en Les Dialogues quintessentiels, evenals de documentaire Le Visible & l'Invisible, beschrijven dit verschijnsel en tonen hoe perceptibiliteit en psychisme zich ontplooien in een constructieve dynamiek.
Het woord "medium" heeft zich in de negentiende eeuw gevestigd dankzij Allan Kardec, die wilde aantonen dat het contact met het onzichtbare niet onder het gezag van een religieuze instelling viel. Een medium is, in de oorspronkelijke betekenis, een onvrijwillig kanaal: het verliest gedurende een korte tijd het bewustzijn en de identiteit, waardoor een andere entiteit zich via hem kan uitdrukken. Zijn stem kan dan veranderen, er kunnen vreemde fysieke verschijnselen optreden, maar deze toestand kan zich niet over uren uitstrekken, zo uitputtend is hij. Het gaat niet om een evenwichtige uitwisseling, maar om een externe overname, vaak kortstondig en ontregelend.
Tegenwoordig worden publieke evenementen waarbij een beoefenaar één of twee uur spreekt, terwijl hij bewust en helder blijft, zonder persoonlijkheidsverlies of extreme verschijnselen, soms "mediumschap op het podium" of "contact met overledenen via een medium" genoemd. In deze gevallen gaat het meestal om perceptibiliteit (en soms om psychisme, als de persoon ook de waargenomen energieën stuurt) eerder dan om mediumschap. De beoefenaar vangt immers informatie op die al aanwezig is in de energetische sfeer of in de psyche van het publiek, voelt de aanwezigheid van overledenen aan die nog met de aardse dimensie verbonden zijn, interpreteert en geeft deze gegevens weer. Maar hij ondergaat geen onvrijwillige overname door een hogere entiteit. Dit is dus geen mediumschap in de strikte zin van het woord, maar eerder een subtiele en beheerste oefening van gevoeligheid.
Het gebeurt echter dat een perceptibele of een Psychist zich, voor een kort moment, overweldigd voelt door een energie die sterker is dan hijzelf, en tijdelijk de controle afstaat. Deze situatie kan lijken op een kort mediumistiek moment. Over het algemeen beantwoordt deze indringing aan een algemeen of spiritueel belang, gericht op een doel dat dat van de perceptibele zelf overstijgt. Deze inbreuk blijft echter eenmalig en staat niet gelijk aan een lange publieke sessie van zogenaamd "mediumschap". Zo kan ook een overledene die nog met de aardse sfeer verbonden is, proberen een perceptibele of een Psychist te overheersen om zijn eigen doeleinden te verwezenlijken, welwillend of kwaadwillend. Deze overheersing is echter geen mediumschap, aangezien ze voortkomt uit een wezen dat nog heel dicht bij de materiële wereld staat en persoonlijke bedoelingen nastreeft. Het oorspronkelijke mediumschap omvat een constantere en ruimere energie, verbonden met een transcendent en immaterieel doel, waardoor overledenen uit een andere dimensie zich kort kunnen uitdrukken, binnen een context van evolutie en hoger begrip, zonder triviaal doel.
Bovendien wordt algemeen aangenomen dat de wereld van de energieën ons bewustzijn, onze gedachten en ons levenspad beïnvloedt, ook al ontgaat ons dit vaak. Wat wij "toeval" noemen, kan soms voortkomen uit het discrete handelen van onzichtbare aanwezigheden, overledenen, of het universele bewustzijn. Deze invloeden sturen ons, soms zonder dat wij ons daarvan bewust zijn, naar bepaalde gebeurtenissen of ervaringen. "Paranormale" avonden en andere gevoelige bijeenkomsten getuigen van deze verstrengeling tussen het zichtbare, het onzichtbare, het perceptibele, de Psychist en de energieën die ons omringen. Verre van passief, wordt de perceptibele of de Psychist dan een bouwer van de verbinding tussen de werelden, een actieve en verlichte getuige.
Uiteindelijk verheldert het herstellen van deze onderscheidingen het begrip van de subtiele gradatie tussen het bewuste voelen van de perceptibele, de energetische beheersing van de Psychist en de onvrijwillige trance van het authentieke medium. De perceptibele voelt aan, de Psychist stuurt de energie naast het waarnemen ervan, terwijl het medium, in zeldzame en korte momenten, de controle verliest ten gunste van een uitwendige entiteit. De meeste hedendaagse evenementen die worden voorgesteld als "mediumschap op het podium" vallen in werkelijkheid onder perceptibiliteit of psychisme, en niet onder een oorspronkelijk, eenmalig en energetisch belastend mediumschap. Uiteenlopende bronnen, van oude tradities (Rishi's, sjamanen, orakels, Egyptische priesters) tot het werk van Allan Kardec en de Society for Psychical Research, evenals de getuigenissen van figuren als Gerard Croiset, Jozef Rulof, Prentice Mulford, Walter Russell en de filosofische erfenis van René Descartes, komen samen in dit genuanceerde begrip. Zo lijkt de uitdrukking "paranormaal evenement met mogelijk mediumschap" toepasselijker, omdat ze de complexiteit van de verschijnselen, de diversiteit van de intenties en de veelheid aan waarnemingsniveaus erkent. Zo worden de rollen, toestanden en invloeden die een rol spelen, verhelderd, met respect voor de complexiteit van de verhouding tussen het zichtbare en het onzichtbare, tussen het individu en de energieën die het omringen, tussen de mens en het goddelijke.
Mischa Harmeijer
Ik zie het onzichtbare. Ik verklaar het rationeel. — Oprichter van Centre EPÉU
Laden…